31 mei 2010 om 21:06 uur door Jan Taco
Het behandelen van patiënten met een persoonlijkheidsstoornis kan de maatschappij miljarden euro’s opleveren. De kosten van psychotherapieën wegen ruimschoots op tegen de maatschappelijke kosten die deze patiënten maken als ze niet worden behandeld. Dat blijkt uit onderzoek van het Erasmus MC waarop Djøra Soeteman donderdag 3 juni promoveert. Voor het eerst is nu wetenschappelijk bewezen dat psychotherapie meer kan opleveren dan dat het kost. Nederland zou volgens de promovenda flink kunnen verdienen door slim te investeren in psychotherapie.
Persoonlijkheidsstoornissen komen veel voor. Ongeveer één op de tien mensen lijdt eraan. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht is het mogelijk patiënten met een persoonlijkheidsstoornis zo te behandelen dat het de maatschappij financiële winst oplevert. Zo kost een patiënt gemiddeld 11.000 euro per jaar (zowel medische kosten als opname in een kliniek, als indirecte kosten zoals ziekteverzuim). Een aanzienlijk percentage van de patiënten herstelt na behandeling waardoor deze kosten verminderen tot minder dan een kwart. De eigenlijke behandelkosten zijn dus snel terugverdiend doordat patiënten weer in staat zijn aan het werk te gaan en minder gebruik maken van de gezondheidszorg. Daarna leidt psychotherapie zelfs tot besparingen.
Om ‘winst’ te kunnen maken op psychotherapie is het van belang dat patiënten de juiste behandeling krijgen. Patiënten met een emotionele stoornis zoals borderlinepersoonlijkheidsstoornis (een zogenoemde cluster B-stoornis), zouden ambulante psychotherapie moeten krijgen. Patiënten met een ‘angstige’ stoornis, zoals mensen met dwanggedachten en dwanghandelingen (cluster C-stoornis) zouden moeten worden behandeld met een kortdurende opname in een kliniek. Nu houden artsen bij toewijzing van patiënten aan behandelprogramma’s geen rekening met de economische gevolgen, waardoor ze voor onnodig dure behandelingen kunnen kiezen. Wanneer ze wel op de financiën zouden letten, kunnen meer patiënten worden geholpen voor hetzelfde geld’, zegt Soeteman.
Ook op andere gebieden kan nog worden verdiend. Als de maatschappij in onderzoek naar psychotherapie zou investeren kan dat ruim een miljard euro opleveren. Het gaat dan bijvoorbeeld om onderzoeken die meer inzicht geven in welke behandelingen financieel het beste uitpakken’. Daarnaast kan nog bijna 2 miljard verdiend worden door bijvoorbeeld de therapietrouw te verbeteren en door ervoor te zorgen dat er meer mensen behandeld kunnen worden met de meest kosteneffectieve behandelingen. Soeteman: ‘Natuurlijk kosten onderzoeken geld, maar dat wordt snel terugverdiend als we door die onderzoeken ontdekken hoe we patiënten het beste kunnen helpen, tegen de laagste kosten.’
Een goede behandeling is ook van belang voor het welzijn van de patiënten. De stoornissen hebben grote invloed op de kwaliteit van leven van patiënten. Zo is hun levenskwaliteit vergelijkbaar met die van mensen met reuma, longkanker of de ziekte van Parkinson. Mensen met een persoonlijkheidsstoornis doen vaak nauwelijks mee aan het maatschappelijke leven. ‘Een juiste behandeling verbetert hun kwaliteit van leven aanzienlijk.’
Het onderzoek is gedaan onder 1708 patiënten met een persoonlijkheidstoornis uit zes verschillende geestelijke gezondheidszorginstellingen. De promovenda heeft de economische gegevens van hun behandeling onderzocht en ook gekeken naar effectiviteit van de behandelingen. Daarmee heeft ze een model gemaakt dat verschillende behandelingen met elkaar vergelijkt en laat zien welke de grootste gezondheidswinst laat zien en tegelijkertijd financieel het gunstigst uitpakt.
Het onderzoek kan politici, beleidsmakers en zorgverzekeraars helpen slimme keuzes te maken. ‘Zeker op dit moment is dat van belang. In tijden van economische crisis wordt steevast de betaalbaarheid van de zorg onder de loep genomen. Zo is recent besloten om de oudste vorm van psychotherapie niet meer te vergoeden uit het basispakket van de zorgverzekering. Maar bezuinigen op psychotherapie kan juist leiden tot extra maatschappelijke kosten.’
Tags: crisis, psychotherapie
Geplaatst in News | plaats reactie »
31 mei 2010 om 6:42 uur door Jan Taco
Als het aan PHILIPS ligt wordt het licht in Afrika, ja een (ver)licht continent. Verlengen van de dag dank zij een aantal toepassingen van zonnecellen (solar) in combinatie met LED-lampjes. Bij de aftrap in Artis op 26 mei 2010 laat Harry Hendriks ( voorzitter van de directie van Philips Electronics Benelux) er geen onduidelijkheid over bestaan: PHILIPS ziet grote kansen.Er zijn eigenlijk geen leeuwen en beren op de weg . Wel merkt hij tijdens de presentatie tamelijk laat dat in de Manegezaal een levensgrote tijger een aanloop neemt….Dubbelklik op de foto als je wilt weten waar zijn hand gebleven is!

Dit alles laat onverlet dat PHILIPS een aantal uitermate interessante produkten presenteert die op diverse manieren het leven in Zuidelijk Afrika kunnen veraangenamen. Het betreft apparatuur die in allerlei vormen en maten duurzame en betrouwbare energie en verlichting levert.
Tags: Artis, LED, Philips, Solar
Geplaatst in News | 1 reactie »
29 mei 2010 om 20:19 uur door Jan Taco
Het slotdocument (6 pagina’s) van de 3-daagse WCIT2010 (zie eerdere column) is enigszins teleurstellend voor al degenen die met enthousiasme de eHealth “tracks” hebben bijgewoond.
http://doa.wcit2010.org/browsedoa.html
Klik vooral bovenstaande link. Heeft u wat minder dynamische wensen, dan volstaat deze link:
http://doa.wcit2010.org/amsterdam_declaration.pdf
src=Waar blijft eHealth (Vergroten?Dubbelklik!)
Het slotdocument noemt de term eHealth slechts eenmaal :
the use of common eHealth standards and cross-border data exchange.
Daarnaast 3x “health”:
health of our planet,
ICT for health can make healthcare more efficient,
ICT offers for health

Demissionair minister van der Hoeven op de WCIT2010
Jammer!
Tags: Declaration of Amsterdam, EHealth, WCIT2010
Geplaatst in News, Tele | plaats reactie »
29 mei 2010 om 19:38 uur door Jan Taco
De buitenkant van de school waar de dochter van Sophia Schmidt-van Veen lessen volgt is behangen met LED lampjes die werken op zonne-energie. Dat geeft de leerlingen en ouders een blij gevoel en energie.
Dichter bij huis haar persoonlijke betrokkenheid bij duurzaamheid: een (voet)bal die niet alleen rond is ,maar ook duurzaam. Bedoeld voor al die Afrikaanse kinderen die aangestoken door de WK graag zelf willen voetballen. De bal is ook nog zichtbaar in het donker (glowball):
http://www.totalcarecompany.nl/index.php?option=com_content&task=view&id=19&Itemid=30
Philips levert- jawel- de floodlights die er voor zorgen dat de trapveldjes ‘s avonds ook te bespelen zijn. Deze draaien op zonnecollectoren.

Sophia met bal bij zonnecelpaneel (Vergroten?Dubbelklik!)
De Stichting “The Right to Play” benadrukt het belang van het samen spelen en voetballen van kinderen van voormalig tegenstanders. Hutu’s en Tutsi’s kunnen alleen zo verbroederen.http://www.righttoplay.com/netherlands/about-us/Pages/History.aspx
De slogan luidt “Philips verlengt de dag“. Het wordt ‘s avonds vaak al om half zeven donker.Daarbij gaat het niet alleen om voetballen, maar ook het ‘s avonds kunnen lezen en studeren. Daarvoor dient een lantaarn (Uday Lantern) die oplaadbaar is op verschillende manieren.
Ruud Gullit treedt als champion op. Deze keer eens niet narigheid als aids of burgeroorlog in Afrika, maar samen met kinderen leuke dingen doen. Kortom het goede nieuws uit Afrika. Zo ook, Lornah Kiplagat

Harry Hendriks (Philips) bekijkt een videoboodschap van Kiplagat (vergroten?Dubbelklik!)
Philips benadrukt dat Afrika een continent is met heel veel mogelijkheden. Zeker kunnen wij ook weer van de ervaringen daar leren: reversed innovation!
Tags: Afrika, Artis, Glowball, LED, Philips, Solar
Geplaatst in Cursus/Congres | plaats reactie »
29 mei 2010 om 17:45 uur door Jan Taco
http://www.rijksoverheid.nl/nieuws/2010/05/28/kwaliteitsinstituut-voor-de-zorg-opgericht.html
De Hoogleraren Rutten en Brouwer houden in het Economenblad ESB (28 mei 2010, 343 en 344) ondermeer een pleidooi voor een Kwaliteitsinstituut. Het is hun suggestie om zo te komen tot een betere werking van de Zorgmarkt.
Zij worden op hun wenken bediend.
Het Kwaliteitsinstituut gaat onder meer:
- het ontwikkelen van richtlijnen bevorderen;
- uitkomsten openbaar maken, zoals de sterftecijfers van ziekenhuizen of het percentage infecties na operaties;
- mogelijk beoordelen of behandelingen in het pakket nog wel voldoende kwalitatief, doelmatig en veilig zijn.
We hadden al een Kwaliteitsinstituut CBO. Dit wordt een publiekrechtelijk Nationaal Instituut
De ministerraad heeft op voorstel van minister Klink van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ingestemd met de oprichting van een Nationaal Kwaliteitsinstituut Gezondheidszorg. In dit kwaliteitsinstituut zal alle expertise over veiligheid, doelmatigheid en transparantie van de zorg samen komen. Met als doel de kwaliteit van de zorg te vergroten en juist daarmee onnodige kosten te vermijden en terug te dringen.
Op dit moment zijn er nog steeds te grote verschillen in kwaliteit tussen ziekenhuizen en andere zorgaanbieders. Daarbij komt dat die kwaliteit voor de patiënt onvoldoende inzichtelijk is. Uit een recent rapport van KWF over de kwaliteit van kankerzorg blijkt dat er te grote kwaliteitsverschillen zijn tussen de behandeling van kanker in Nederlandse ziekenhuizen. Er valt op het gebied van kwaliteit en veiligheid nog veel te verbeteren. Zo is er sprake van over- en onderbehandeling in de zorg.
Onlangs bleek bijvoorbeeld dat 44 procent van de dotterbehandelingen onnodig zijn en dat met medicatie kan worden volstaan. Het blijkt dat artsen zich niet altijd aan de richtlijnen voor bepaalde behandelingen houden en soms zijn er nog geen richtlijnen ontwikkeld. De Regieraad was een eerste stap om de mate van over- of onderbehandeling in kaart te brengen en na te gaan waar richtlijnen ontbreken.
Het Kwaliteitsinstituut krijgt onder meer als taak om het ontwikkelen van richtlijnen te bevorderen. Het instituut moet zo nodig ook doorzettingsmacht hebben om echt een stap vooruit te kunnen maken. Ook zal het instituut uitkomsten over de zorg openbaar maken, zoals de sterftecijfers van ziekenhuizen of het percentage infecties na operaties. Ook het beoordelen of behandelingen in het pakket nog wel kwalitatief, doelmatig en veilig genoeg zijn, zou één van de taken kunnen zijn
Op dit moment worden bovenstaande taken gefragmenteerd uitgevoerd door de Inspectie voor de Gezondheidszorg, Zichtbare Zorg, het College voor Zorgverzekeringen, de Nederlandse Zorgautoriteit, ZonMW, de Regieraad en DBC-onderhoud. Het Kwaliteitsinstituut zal deze taken bundelen en in onderlinge samenhang benaderen.
Tags: CBO, ESB, Klink, KwaliteitsInstituut, Zorgmarkt
Geplaatst in News | plaats reactie »
29 mei 2010 om 16:41 uur door Jan Taco
Het overzicht past op een A3 ,die je als Argumentenkaart voor 7,50 Euro (met bezorgkosten 9,95) kunt bestellen http://www.argumentenfabriek.nl/argumentenkaart-marktwerking-de-zorg .
Je kunt ook nog even een op een holletje naar de sigarenboer (bestaat die nog?) voor een zaterdag editie van de Volkskrant van 29 mei 2010(pagina 24 en 25) voor 2,70 Euro.
Jouw keuze is ook marktwerking.
De scepis over de marktwerking in de zorg is alom.Terecht? De kosten stijgen inmiddels tot 60 miljard Euro. Zeker is dat op de Argumentenkaart het aantal bullits voor de marktwerking 28 bedraagt en tegen 22 bullits. De toon is gezet.
Mocht je de keuze op de Volkskrant hebben laten vallen, dan heb je het voordeel dat je nog meer op je bordje krijgt. Op pagina 5 kunt u lezen dat de demissionair minister Klink bezorgd is over de hoge prijs van “weesgeneesmiddelen” (voor zeldzame ziekten).
De Farmaceutische industrie is weliswaar geen autonome partij, maar verdient wellicht ook een plaatsje in de Argumentenkaart.
PS. Hoe is de stand bij de Marktwerking in de Zorg volgens economen? Rutten en Brouwer (ESB, 2 mei 2010, pagina 343,344) stellen dat de situatie in de curatieve sector “stuck in the middle“. Zij refereren daarbij aan de resultaten van de twee ambtelijke werkgroepen.
Tags: Argumentenfabriek, Economie, marktwerking
Geplaatst in marktwerking | 2 reacties »
28 mei 2010 om 20:48 uur door Jan Taco
Genetici hebben een genvariant gevonden die sterk bijdraagt aan het ontstaan van aangeboren hartafwijkingen. Samen met collega’s uit Amerika en Spanje beschrijven twee onderzoekers van het UMC Utrecht dit in het tijdschrift PLoS ONE van deze week.
Mensen met een variant van het gen ISL1 hebben een drie maal zo grote kans op een aangeboren hartafwijking. De kans op zo’n afwijking is overigens erg klein, minder dan een procent.
De genetici spoorden het ISL1-gen in twee stappen op. Eerst vergeleken ze driehonderd Amerikaanse patiënten met een aangeboren hartafwijking met 2200 gezonde controles. Ze controleerden de resultaten in de tweede fase. In drie groepen van in totaal duizend patiënten uit Amerika, Canada en Nederland keken ze of het gen inderdaad vaker voorkwam dan bij 2100 gezonde controles. In het onderzoek zijn de gegevens van bijna 1300 Nederlanders gebruikt (onder meer 600 patienten uit de landelijke registratie van patiënten met aangeboren hartafwijkingen, CONCOR, van het AMC).
Vanuit het UMC Utrecht zijn cardioloog prof. dr. Pieter Doevendans en geneticus dr. Bobby Koeleman bij het onderzoek betrokken. Doevendans noemt de resultaten een doorbraak bij het zoeken naar genetische oorzaken van aangeboren hartafwijkingen. “Het wijst erop dat aangeboren afwijkingen een sterke genetische component hebben. Veel mensen wijten de afwijkingen aan bijvoorbeeld een rokende moeder of suikerziekte tijdens de zwangerschap. Het genetische inzicht zal de operatieve behandeling van de afwijkingen niet veranderen, maar het leidt wel tot beter begrip van het ontstaan van de afwijkingen.”
Ieder jaar worden in Nederland 1500 kinderen geboren met een hartafwijking. Bij vijfhonderd baby’s is de afwijking zo ernstig dat zij in een academisch ziekenhuis geopereerd moeten worden. Het Kinderhartcentrum van het UMC Utrecht is een van de vier academische centra die deze operaties uitvoert.
Tags: concor, congenitaal, UMCU
Geplaatst in News | plaats reactie »
28 mei 2010 om 7:10 uur door Jan Taco
Dit antwoord kreeg Jan de Boer (KPMG) toen hij zijn zoontje met een ernstig knieletsel naar een orthopedisch chirurg in Oostenrijk bracht tijdens een skivakantie en verzocht om een MRI. Die MRI kwam er dus niet.
Waarmee gezegd mag worden dat de voorzichtige inbreng van de patient (of diens woordvoerder) niet altijd op prijs wordt gesteld om het nog aardig te zeggen.Hoe goed deze patient ook “empowered” is. Dit vormde de inleidende anecdote bij de voordracht die De Boer hield tijdens het eHealth “track” op de laatste dag van het driedaags WCIT2010 event in de RAI te Amsterdam.

eHealth Track / Jan de Boer aan het woord
Met enthousiasme refereert hij aan http://www.geisinger.org/ (een vergelijkbaar initiatief is Kaiser Permanente) , waarbij het voor 2,6 miljoen Amerikanen gelukt is de kwaliteit te verbeteren tegen lagere kosten.
Volgens KPMG gaat het om elementen als 1) eerst de patient 2) partnerships 3) innovatie (gesteund door “evidence”) 4) “objectives, accountability and incentives”.
Daarbij zijn er verschillende bottlenecks. Waar het gaat om ICT, moet er een integratie bereikt worden tussen systemen ten dienste van de individuele patient (EPD) en de informatiesystemen van ziekenhuizen, waarvan er steeds meer zijn of komen (Epic, Philips, Siemens).
PS. Het zoontje is met sukses behandeld door deze technisch kundige arts
Tags: EHealth, WCIT2010
Geplaatst in News, Tele | plaats reactie »
27 mei 2010 om 22:05 uur door Jan Taco
Diabetespatiënten zijn beter af als hun huisarts een speciaal ontwikkeld softwaresysteem en een gespecialiseerde praktijkverpleegkundige inzet. Dat concludeert huisarts Frits Cleveringa van het UMC Utrecht in zijn proefschrift. Hij promoveert op 27 mei.
Het is voor het eerst in Nederland dat een beslissingsondersteunend computerprogramma in een trial onderzocht is. Cleveringa analyseerde gedurende een jaar de gezondheid van 3391 diabetespatiënten die bij hun huisarts onder behandeling waren. De helft van de 55 betrokken huisartsen gebruikte een speciaal softwaresysteem, de andere helft gaf de gebruikelijke zorg. Het softwaresysteem helpt de behandelaar bij het nemen van beslissingen. Daarnaast geeft het iedere drie maanden een overzicht van de patiënten bij wie de zorg verbeterd zou kunnen worden. Ook vergelijkt het de ‘prestaties’ van de eigen praktijk met die van tientallen andere huisartsenpraktijken. De praktijken waren verdeeld over heel Nederland.
Na een jaar blijken patiënten uit huisartsenpraktijken met het softwaresysteem beter af te zijn: hun cholesterolniveaus en bloeddruk zijn beter. Dat vertaalt zich naar een kleinere kans op hart- en vaatziekten: het tienjarig risico daalt 1,4 procent meer dan de in de controlegroep. De bloedsuikerspiegel, de belangrijkste maat bij de behandeling van diabetes, was in beide groepen gelijk en bij aanvang van het onderzoek werd de streefwaarde al gehaald.
Het gebruik van het softwaresysteem is niet voor alle groepen diabetespatiënten kosteneffectief, berekende Cleveringa. De geboekte gezondheidswinst is voor de gemiddelde diabetespatiënt niet groot genoeg om de extra kosten te rechtvaardigen. “De standaardzorg voor diabetespatiënten is in Nederland al erg goed”, zegt Cleveringa. “Maar het systeem is wel rendabel bij hoogrisicopatiënten met meer kans op hart- en vaatziekten.”
Het softwaresysteem Vital voor Diabetes (voorheen Diabetes ZorgProtocol) van software leverancier VitalHealth Software ‘denkt mee’ bij het maken van behandelbeslissingen. Bij een patiënt met voetproblemen herinnert het systeem bijvoorbeeld elke drie maanden aan de voetcontrole. Normale huisartsinformatiesystemen bevatten die informatie wel, maar vertalen dit niet in een praktisch behandeladvies. Daarnaast geeft het systeem elke drie maanden een overzicht van alle diabetespatiënten, met o.a. bloedsuiker- en bloeddrukwaarden. De huisarts kan zo in één oogopslag hoogrisico-patiënten identificeren waarbij de behandeling niet goed aanslaat. Daarbij wordt de praktijk vergeleken met andere deelnemende praktijken. Uit het onderzoek blijkt dat deze zogenaamde spiegelinformatie een essentieel onderdeel van het programma is. Tevens heeft de gespecialiseerde praktijk verpleegkundige een belangrijke toegevoegde waarde. Als case manager vormt zij tijdens het spreekuur een laagdrempelig aanspreekpunt voor patiënten.
Het onderzoek van Cleveringa is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van het farmaceutische bedrijf Pfizer.
Cleveringa combineerde dit onderzoek aan het UMC Utrecht met zijn werk als huisarts. Sinds 2009 is hij fulltime huisarts en discipline coördinator in Gezondheidshuis Stadshagen te Zwolle.
Tags: cleveringa, diabetes, promotie, software, UMCU
Geplaatst in News | plaats reactie »
26 mei 2010 om 21:04 uur door Jan Taco
Het bezoek van Kroonprins Willem Alexander aan WCIT2010 in de RAI te Amsterdam op 26 mei was beslist een hoogtepunt.

Auditorium RAI 26 mei 2010 (Vergroten?Dubbelklik!)
Kroonprins Willem Alexander en Maria van der Hoeven

Achter de schermen (letterlijk)
Van links naar rechts:
Sylvia Roelofs, Marijke van Hees en Kroonprins Willem Alexander
Tags: Kroonprins, WCIT2010
Geplaatst in News | plaats reactie »